Postpartum depressie PPD: oorzaak |
|
ADVERTENTIE
Wat is een postpartum depressie (PPD)?
Letterlijk betekent PPD een depressie ontstaan na (post) de bevalling (partus). Een PPD treedt echter niet alleen op na een bevalling, maar kan ook ontstaan na een miskraam, abortus provocatus en zelfs na een adoptie. Vroeger sprak men van een postnatale depressie, maar nataal betekent geboorte en heeft betrekking op het kind. Tegenwoordig spreken we dus van post partum, na de bevalling, want dit heeft betrekking op de moeder.Een PPD heeft dezelfde verschijnselen als een 'gewone' depressie: angst, slapeloosheid, lusteloosheid, neerslachtigheid enz.
Het verschil tussen de baby blues en een postpartum depressie
Maar liefst 50 tot 80% van de vrouwen die net bevallen zijn, hebben last van een dipje, de zogenaamde huildagen zijn heel bekend en worden door iedereen geaccepteerd. De baby blues treedt meestal op tussen de 4e en 10e dag na de bevalling. Je ziet het even niet meer zitten, je bent moe, huilt om alles en wordt boos om dingen waar je vroeger je schouders over ophaalde.De baby blues gaat na een aantal dagen (veel vrouwen hebben er maar 1 of 2 dagen last van) over. Een goede nachtrust of de baby een dagje uitbesteden, helpen om je weer op de been te krijgen en om weer te gaan genieten van de kleine en van het leven.
Bij een PPD gaan de negatieve gevoelens echter niet over, nee, ze worden alleen maar erger. Je ziet het niet even niet meer zitten. Als je eerlijk bent, vind je er eigenlijk niets meer aan. Je kunt niet genieten van je baby, je voelt je hondsmoe en eigenlijk is alles je te veel. Hoeveel rust je ook neemt, je levenslust neemt niet toe, je blijft het gevoel hebben dat je het niet aan kunt en ziet geen uitweg om de dingen weer als prettig te ervaren.
Een PPD treedt vaak ook veel later op dan de baby blues, soms pas weken tot maanden na de bevalling. Ongeveer 10% van de 'jonge' moeders krijgt te maken met een meer of minder vorm van een PPD. De top van de depressie ligt meestal tussen de 4 en 6 maanden na de bevalling.
Waardoor ontstaat een PPD?
Uit alle onderzoeken die er internationaal gedaan zijn naar het ontstaan van een PPD is geen éénduidige oorzaak gekomen. Er blijken vaak meerdere factoren mee te spelen in het ontstaan van een PPD. Niet alle factoren hoeven bij jou van toepassing te zijn.Lichamelijke factoren
- Hormonale veranderingenIn de zwangerschap verandert er veel in je hormoonhuishouding, vooral het gehalte aan progesteron neemt extreem toe. Vooral net voor de bevalling is het gehalte aan progesteron heel hoog. Na de bevalling verlaat dit hoge gehalte aan progesteron je lichaam en daalt het progesterongehalte ineens heel sterk. Sommige wetenschappers menen dat de hypofyse (het orgaan in de hersenen dat de hormoonhuishouding aanstuurt) hierdoor in de war raakt of lui wordt.
We weten dat sterke schommelingen in de hormonen bij sommige vrouwen stemmingswisselingen of depressieve gevoelens teweeg kunnen brengen. Dit zelfde zie je bijvoorbeeld bij vrouwen die last hebben van hun humeur rondom de menstruatie of vrouwen die depressieve gevoelens hebben tijdens de overgang.
- Verstoorde schildklierwerking
Door de verstoring van de hormonen zie je vaak dat de schildklier te langzaam of te snel gaat werken. Volgens sommige artsen is de schildklier juist de oorzaak van PPD, anderen denken dat de schildklier mede ontregelt. De schildklier is belangrijk voor de stofwisseling en het afweersysteem. Storingen in de werking van de schildklier kunnen invloed hebben op de geestelijke en lichamelijk gesteldheid.
- Tekort aan vitaminen en mineralen
Bij veel vrouwen met een PPD zie je tekorten aan bepaalde vitaminen en mineralen. Deze tekorten zijn waarschijnlijk ontstaan in de zwangerschap doordat de baby veel van de moeder mee-eet.
Vooral een tekort aan vitamine B6 en B12 komt vaak voor en een tekort aan ijzer en zink. Bij een te hoog kopergehalte bijvoorbeeld dalen bepaalde hormonen. Heb je niet genoeg vitamine B? Dan kan je progesteron minder werken. Het lichaam geeft in de vorm van klachten aan dat er aangevuld moet worden.
- Hersenstofontregelingen
Het komt momenteel veelvuldig voor dat een arts of psychiater antidepressiva voorschrijft. Deze middelen bleken in de jaren '80-'90 een positief effect te hebben op de stof serotonine in de hersenen.
Serotonine is een stof die zorgt voor prettige gevoelens.
Ook remt het handelingen af die te ver doorslaan als paniek en dwanghandelen Uit Amerikaanse onderzoeken bleek dat serotonine tekort een gevolg kan zijn van de zwangerschap en geboorte. Vrouwelijke hormonen staan in verbinding met deze stof. Als progesteron en oestrogeen minder wordt of verkeerd werkt kan dit direct invloed hebben op de hersenstoffen.
- Ontregeling van je bloedsuiker
Voeding laat vaak zien of je in balans bent. Je kunt informatie halen uit de behoefte aan bepaalde stoffen, zo ook als een vrouw snakt naar zoetwaren.
Dit kan komen door een instabiel bloedsuiker. Ondanks dat je bloed meer dan genoeg suiker bevat blijft de behoefte. Dit noemt men hypoglykemie. Veel vrouwen met een PPD hebben deze klacht.
Bij veel vrouwen met een PPD zie je tekorten aan bepaalde vitaminen en mineralen. Deze tekorten zijn waarschijnlijk ontstaan in de zwangerschap doordat de baby veel van de moeder mee-eet.
Vooral een tekort aan vitamine B6 en B12 komt vaak voor en een tekort aan ijzer en zink. Bij een te hoog kopergehalte bijvoorbeeld dalen bepaalde hormonen. Heb je niet genoeg vitamine B? Dan kan je progesteron minder werken. Het lichaam geeft in de vorm van klachten aan dat er aangevuld moet worden.
- Hersenstofontregelingen
Het komt momenteel veelvuldig voor dat een arts of psychiater antidepressiva voorschrijft. Deze middelen bleken in de jaren '80-'90 een positief effect te hebben op de stof serotonine in de hersenen.
Serotonine is een stof die zorgt voor prettige gevoelens.
Ook remt het handelingen af die te ver doorslaan als paniek en dwanghandelen Uit Amerikaanse onderzoeken bleek dat serotonine tekort een gevolg kan zijn van de zwangerschap en geboorte. Vrouwelijke hormonen staan in verbinding met deze stof. Als progesteron en oestrogeen minder wordt of verkeerd werkt kan dit direct invloed hebben op de hersenstoffen.
- Ontregeling van je bloedsuiker
Voeding laat vaak zien of je in balans bent. Je kunt informatie halen uit de behoefte aan bepaalde stoffen, zo ook als een vrouw snakt naar zoetwaren.
Dit kan komen door een instabiel bloedsuiker. Ondanks dat je bloed meer dan genoeg suiker bevat blijft de behoefte. Dit noemt men hypoglykemie. Veel vrouwen met een PPD hebben deze klacht.
Psychische factoren
- Je eigen beeldVrouwen die zichzelf hoge eisen stellen, alles perfect willen doen en niet toegeven dat iets tegenvalt, hebben een verhoogd risico op een PPD. Ook een hoge verwachting van het moederschap, denken dat je moedergevoelens vanzelf komen en je zullen vertellen hoe je alles moet aanpakken kunnen een PPD in de hand werken. De kloof tussen de werkelijkheid en 'de roze wolk' die de vrouw zich had voorgesteld kan dan zo groot zijn dat de vrouw gaat twijfelen aan haar eigen kunnen. Vooral als je niet kunt toegeven dat het minder goed gaat dan je van tevoren had voorgesteld kan je in de problemen helpen. Vrouwen die hun gevoelens moeilijk uiten en slecht nee kunnen zeggen hebben ook een verhoogd risico op een PPD.
- Onverwerkt verdriet
Tijdens een zwangerschap en na de bevalling ben je labieler dan normaal. Dingen waar je voorheen je schouders over ophaalde, kunnen je nu behoorlijk dwars zitten. Dit is heel normaal, bijna iedere zwangere of net bevallen vrouw heeft hier last van, dit kan ook nog wel enkele maanden duren. Maar doordat je minder stevig in je schoenen staat, kan oude pijn ook weer volop terug komen. Vooral als je dingen niet goed verwerkt hebt, kunnen die een aanleiding zijn tot een PPD. Kun je buiten de zwangerschap de negatieve gevoelens wegdrukken, nu je minder stabiel bent, lukt je dan niet meer. Onvoldoende verwerkte pijn kan dus ook een oorzaak zijn voor een PPD, hoewel er bij veel vrouwen die een PPD krijgen absoluut geen sprake van is.
- Tegenvallende, moeilijke zwangerschap en/of bevalling
Je had je er zoveel van voorgesteld, maar alles liep anders Je bent teleurgesteld, verdrietig of boos, maar je weet niet wat je met die gevoelens moet doen. De mensen in je omgeving vinden misschien dat je niet moet zeuren, want met de baby is nu toch alles goed?
Een 'zware' bevalling hoeft geen aanleiding te zijn tot het krijgen van een PPD, wanneer er voldoende liefdevolle zorg en aandacht is besteed aan de vrouw
- Hoge verwachting van het moederschap
Sommige vrouwen zien het moederschap als het zaligmakende geluk. Zij realiseren zich onvoldoende dat het moederschap ook veel vragen, onzekerheden en onregelmatigheid met zich meebrengt. Het eerst zo lieve baby'tje blijkt opeens niet anders te doen dan huilen Je droom wordt wreed verstoord, wat je ook doet je baby blijft huilen. Voor iedere moeder (en vader) is dit een crime. Je hebt op een gegeven moment geen idee meer wat je moet doen en dat leuke kindje wat je in gedachten had, blijkt een klein monstertje waar je steeds meer moeite mee hebt om van te houden of van te genieten.
Je had het idee dat je het wel even allemaal zou doen, twijfelde er niet aan dat je een goede moeder zou zijn, maar in werkelijkheid spoken er constant vragen door je hoofd: Doe ik het wel goed, heeft hij wel genoeg voeding gehad, geef ik wel genoeg of juist te veel aandacht? Allemaal vragen die bijna iedere moeder zich wel eens stelt, maar voor de vrouw die is ingesteld op perfectie en zekerheid kan het soms heel moeilijk zijn om deze onzekerheden te accepteren en er mee om te gaan. Zij kan gaan twijfelen aan alles wat ze doet.
Psychosociale factoren
- Het beeld van de ideale vrouwVan vrouwen wordt verwacht dat ze zorgzaam zijn, zich inzetten voor anderen en zichzelf in meer of mindere mate wegcijferen. Vrouwen willen (meer dan mannen) aardig gevonden worden. Een vrouw die zegt waar het op staat, vindt men al snel een kenau. Hierdoor hebben veel vrouwen de neiging om aan het ideaalbeeld te voldoen. Als je niet continu zorgt voor je man, kind en huishouden dan ben je geen goede moeder en vrouw. Dus vergeten vrouwen die voor dit beeld gevoelig zijn om goed voor zichzelf te zorgen, ze cijferen hun eigen behoeften weg en staan continu klaar voor hun partner en baby. Niet snel zullen ze zeggen: "NU EVEN NIET! Neem dat kind maar even mee. Ik ga lekker in bad liggen of een middag iets leuks doen met mijn vriendin!"
Deze vrouwen hebben die behoefte wel, maar denken dat ze geen goede vrouw/moeder zijn als ze zo nu en dan even niets willen of juist iets willen alleen voor zichzelf. Even niet zorgen of niets hoeven, komt niet in hun hoofd op. De ander is immers afhankelijk van jouw zorg. Toch levert dit onderdrukken van hun eigen behoeftes wel frustraties op. Frustraties die zich uiten in boosheid, een boosheid die meestal op zichzelf wordt gericht: 'Waarom ben ik geen goede moeder/vrouw?' of: 'Waarom kan iedereen dit wel en lukt het mij niet?' Hierdoor gaan ze vaak nog meer proberen om aan dit ideaal beeld te voldoen en stoppen hun eigen gevoelens en behoeften nog verder weg. Uiteindelijk kan dit leiden tot een PPD.
- Ingrijpende veranderingen in je leven
Iedere ingrijpende verandering in het leven (zowel positief als negatief) kan een depressie veroorzaken. Het krijgen van een kind is zo ongeveer het meest ingrijpende wat een mens kan meemaken. Je hele leven staat op zijn kop. Niets is meer hetzelfde, je relatie met je partner verandert, jij voelt je anders, je bent niet alleen meer vrouw en echtgenote, maar ook moeder geworden. Als een dergelijke ingrijpende verandering samenvalt met een andere ingrijpende gebeurtenis, bijvoorbeeld het overlijden van een dierbare of een verhuizing, dan neemt de kans op een PPD toe.
- Extreme stress
Relatieproblemen, een partner die niet veel begrijpt van de veranderingen die een vrouw ondergaat tijdens de zwangerschap of na de bevalling, maar ook extreme stress op het werk zijn allemaal punten die het risico van een PPD verhogen.
Erfelijke factoren
Een belangrijke biologische factor is aanleg. Vrouwen bij wie depressies in de familie voorkomen, hebben een grotere kans op het krijgen van een PPD.Hoe herken je een PPD?
Heel veel vrouwen hebben kort na de bevalling last van negatieve gevoelens of sombere gedachten. Huilen om niets, boos worden om alles, het is heel normaal. Meestal verdwijnen dergelijke gevoelens langzaam maar zeker weer. Vooral het huilen om niets (de 'huildagen') zijn meestal binnen 10 dagen na de bevalling weer over. Natuurlijk blijf je nog wat langer labiel en voel je je anders dan normaal, maar deze gevoelens staan een normaal functioneren niet in de weg.Ook gevoelens van spanning, nervositeit, gebrek aan eetlust en slaapproblemen komen de eerste tijd vaak voor. Deze verschijnselen zijn meestal van zodanige aard en omvang dat ze een normaal, actief leven niet in de weg staan. Ook deze verschijnselen verdwijnen vanzelf, zodra je aan het nieuwe ritme gewend bent geraakt en vertrouwd bent met de zorg voor de baby.
Bij een PPD verminderen dergelijke klachten niet, sterker nog, ze nemen alleen maar toe. Als ze onbehandeld blijven, nemen ze een dusdanige vorm aan dat ze in je dagelijkse activiteiten belemmeren. Als je hyperactief bent, doorlopend het gevoel hebt dat je 'nog even dit of dat' moet doen en helemaal niet meer tot rust kunt komen, of in een vrijwel totale apathische toestand terechtkomt, is het aan te raden contact met je huisarts op te nemen.
Bij een PPD komen heel veel klachten voor. Gelukkig krijg je ze niet allemaal tegelijk. De meest in het oog springende klacht is het feit dat je een persoonverandering ondergaat. Als je eerst onvermoeibaar was, zul je nu mogelijk niet uit bed te branden zijn. De moeheid kan zo hevig zijn dat je niet eens meer op wilt staan om je te verzorgen. Vrolijke vrouwen drijven nu weg, richting depressie. Moeders die jaren onderzoeken en behandelingen hebben ondergaan om zwanger te raken, willen bijvoorbeeld hun kind niet eens zien.
Een PPD komt als donderslag bij heldere hemel. Veel vrouwen piekeren zich suf waarom ze zich zo voelen. Vaak zijn ze perfect de zwangerschap doorgekomen en op het moment dat de baby er is, lijkt de hele wereld zwart te zijn geworden. Ze kunnen geen enkel argument bedenken waarom hen dit overkomt. En dat gaat ook op voor de omgeving.
Er zijn zowel lichamelijke als geestelijke klachten. Hieronder staan de meest voorkomende klachten.
- stoornis in het dag-nachtritme
- vermoeidheid
- concentratiezwakte
- geheugenzwakte
- verwarring
- eetproblemen
- frigiditeit
- angsten
- fobien
- gedachten die niet stopgezet kunnen worden
- boosheid
- woede
- irritatie
- depressie
- wegebben van emoties
- niet meer van je kind of partner houden
- onrust
- vreemd eetgedrag
- ontzettend aankomen of afvallen
- hyperventileren
- paniekaanvallen
- maag- en darmklachten
- misselijkheid
- haaruitval
- huiduitslag
- zweten
- trillen
- gevoel niet in het heden te leven, in een glazen bol
- veranderd zicht (kleuren, alles dichtbij/ver weg)
- uitputting
- slaapstoornissen
- overactiviteit
- vreemde gedachten naar de baby toe (ik duw hem onder water, ik gooi hem uit het raam enz.)
De volgende kenmerken worden eveneens door PPD-vrouwen genoemd: malen en nog eens malen, contactarm, sterk verlies van zelfvertrouwen/eigenwaarde, van muggen olifanten maken, groot verantwoordelijkheidsgevoel, overbezorgdheid, afhankelijk van anderen, als een bezetene zoeken naar hulp.
Klik hier als je een test wilt doen om te kijken of je wellicht PPD hebt. Let op: deze test is niet bedoeld als diagnose middel. Als je twijfelt of je PPD hebt is het altijd goed om contact op te nemen met een deskundige.
Wie heeft een verhoogd risico op PPD?
Een verhoogd risico voor het krijgen van een PPD hebben vrouwen die:- aardig gevonden willen worden door iedereen;
- goed voor anderen kunnen zorgen, maar niet voor zichzelf;
- zichzelf voorbij lopen in de zwangerschap en in de kraamtijd;
- in financiële moeilijkheden verkeren;
- in een slechte woonsituatie zitten;
- een slechte relatie met hun partner hebben;
- kiezen voor een kind zonder te beseffen
- een psychiatrisch verleden hebben;
- familieleden hebben die lijden aan depressies;
- alles perfect willen doen;
- een bewerkelijke baby hebben;
- niet voor zichzelf op kunnen komen;
- zich opofferen;
- een slechte begeleiding hebben gehad tijdens en kort na de bevalling;
- een problematische verhouding hebben met hun ouders, vooral hun moeder;
- nooit gevoelens hebben mogen tonen, niet geleerd hebben hoe ze met gevoelens om kunnen gaan;
- overtuigd waren van het bestaan van een moederinstinct en het moederschap als de bestemming voor zichzelf zagen en die zich bedrogen voelen;
- gevoelig zijn voor hormonale schommelingen en/of premenstrueel syndroom (PMS) hebben;
- tijdens hun zwangerschap verhuisd zijn of een flinke verbouwing achter de rug hebben, waardoor er onvoldoende rust kon worden genomen;
- een miskraam, vroeggeboorte of keizersnede hebben gehad;
- die zijn gestopt met de borstvoeding;
- vrouwen die erfelijk belast zijn (bijv. een moeder die ook PPD had).
Het is belangrijk om je te realiseren dat meestal niet één, maar meerdere factoren samen kunnen leiden tot een PPD. De behandeling van PPD is afhankelijk van de oorzaak. Hier lees je meer over de mogelijkheden.
| Bron: Sandra Vuik | Copyright: Medic Info | Datum: 28/04/2003 |



