Aandoeningen van de bloedplaatjes |
|
Inleiding
Bloedplaatjes zijn kleine schijfvormige cellen in het bloed. Ze worden in het beenmerg gevormd en leven gemiddeld tien dagen.Bloedplaatjes spelen een belangrijke rol bij de bloedstolling. Iemand met een afwijking aan zijn bloedplaatjes kan last hebben van ernstige bloedingen.
De afwijking heeft of te maken met een verandering in het aantal bloedplaatjes (meestal een vermindering) of het niet goed functioneren van de bloedplaatjes.
Wanneer een bloedvat beschadigd is, hechten de plaatjes zich aan de binnenwand van het beschadigde vat. Dit proces heet plaatjesadhesie en vormt de eerste fase van het stollingsproces.
Naarmate zich steeds meer plaatjes aan de beschadigde plek en aan elkaar hechten, vormen ze een afsluiting. Deze afsluiting is het begin van het korstje op de wond.
Kwantitatieve afwijkingen
Een afname van het aantal plaatjes wordt trombocytopenie genoemd.Dit kan het gevolg zijn van een te geringe productie van bloedplaatjes (bijvoorbeeld bij diverse vormen van leukemie en aplastische anemie) of door een kortere levensduur van de plaatjes (bijvoorbeeld door hypersplenie, een afwijking waarbij de milt overmatig veel bloedcellen afbreekt, HIV-infecties of geneesmiddelengebruik).
Een vermeerdering van het aantal bloedplaatjes komt zelden voor.
Kwalitatieve afwijkingen
Een kwalitatieve afwijking van de plaatjes is betrekkelijk zeldzaam en kan het gevolg zijn van afwijkende of ontbrekende eiwitten aan het oppervlak van het membraan van de bloedplaatjes.Soms is deze afwijking aangeboren: Glanzmann's trombasthenie, Bernard - Soulier syndroom, May Hegglin anomalie of Chediak-Higashi syndroom.
Maar de afwijking kan ook verworven zijn, meestal door medicijngebruik, myelofibrose, multiple myeloom of uremie (nierfalen).
Ook kan de oorzaak zijn een te klein aantal korrels in de plaatjes of een afwijking van de korrels (storage pool disorders: Gray platelet syndrome, Delta storage pool deficiency).
Verschijnselen
Bij aandoeningen van de bloedplaatjes ontstaan er gemakkelijk blauwe plekken of onderhuidse puntbloedinkjes. Bloedingen duren langer en zijn ook meestal zwaarder. Bijvoorbeeld in geval van een bloedneus, bloedend tandvlees, de menstruatie, een bevalling of operatie.Diagnose
De diagnose van een aandoening van de bloedplaatjes wordt gesteld na verschillende laboratoriumtests.Bij het onderzoek wordt gekeken naar afwijkingen in het aantal, de omvang en de eigenschappen van de plaatjes.
Bovendien wordt de stollingstijd bepaald, als graadmeter voor de effectiviteit waarmee de plaatjes bloedingen stoppen.
Ook kan de wijze waarop de plaatjes samenkomen onderzocht worden. Hierbij worden de plaatjes aan een aantal verschillende verbindingen blootgesteld die normaal gesproken het samenkleven van de plaatjes veroorzaken.
Komen afwijkingen aan het licht, dan worden de plaatjes met een elektronenmicroscoop onderzocht om de aard van de plaatjesaandoening te bepalen.
Behandeling
De behandeling van verschillende aandoeningen van de bloedplaatjes verschilt. Soms zijn er transfusies met plaatjes nodig.Referenties
Murphy, M.F. 1999, 'Haematological disease', in Clinical Medicine, eds P. Kumar & M. Clark, 4th edn, Harcourt Publishers Limited, Edinburgh, London.Qualitative Platelet Disorders, Platelet disorders [dead link]http://www.nlm.nih.gov/medlineplus/ency/article/000582.htm
| Bron: LSHTM | Copyright: Medic Info | Datum: 28/04/2003 |


