Gezond leven
 
Levensfase
 
Medisch
 
Spreekuur
 
SlapenReizenVoedingMentaal fitBewegen en gezondheidAlternatieve geneeswijzenArbeid en gezondheidGezond gebitRoken, alcohol en drugsZwangerschapBaby'sKinderenJongerenVrouwenMannenSeniorenChronische ziektesHart - en vaatziektesMedische encyclopediePsychische AandoeningenBorstkankerAfasieArtroseAstmaDementieDepressieDiabetesHoge bloeddrukHoofdpijnIncontinentieLeven met een chronische ziekteMantelzorgRugpijnSporten met een beperkingVoedselallergieVraag het de deskundigeGa ik hiermee naar de dokter?Symptomen ScanHet virtuele consultatiebureau
 

Boezemfibrilleren

Tell a friendPagina afdrukken
 

Inleiding

Boezemfibrilleren is de meest voorkomende hartritmestoornis. Bij boezemfibrilleren klopt het hart onregelmatig en meestal ook sneller dan normaal. De boezems trillen (fibrilleren) in plaats van effectief samen te trekken. Boezemfibrilleren wordt ook wel atriumfibrilleren genoemd.

Het komt vooral voor bij mensen ouder dan 75 jaar, maar kan ook op jongere leeftijd voorkomen. Van de 85-plussers heeft 15% last van boezemfibrilleren. Dit is geen levensgevaarlijke hartritmestoornis, maar kan wel leiden tot klachten als moeheid en duizeligheid.

Er zijn twee vormen van boezemfibrilleren:

  • Langdurig aanwezig of chronisch atriumfibrilleren.
  • Boezemfibrilleren dat in aanvallen optreedt. Dit wordt paroxysmaal atriumfibrilleren (PAF) genoemd.

Normale prikkelgeleiding

Elke hartslag begint normaal met een elektrische prikkel , die spontaan ontstaat in de sinusknoop. De sinusknoop bevindt zich in de wand van de rechterboezem. Het wordt de natuurlijke gangmaker van het hart genoemd.

Vanuit de sinusknoop verspreidt de prikkel zich door de wand van de linker- en rechterboezem. Hierdoor trekken de beide boezems tegelijk samen en pompen ze bloed de hartkamers in. Daarna gaat de prikkel verder naar de kamers, die zich op hun beurt samentrekken.

Bij een gezond persoon slaat het hart in rust tussen de zestig en tachtig keer per minuut.

Uw browser ondersteunt geen Flash of u gebruikt een oude versie van Flash Player.

Klik hier om Flash Player te downloaden.

Bij mensen met boezemfibrilleren beginnen de elektrische prikkels niet in de sinusknoop, maar op verschillende andere plaatsen in de boezemwand of zelfs in de longaders. De prikkels verspreiden zich snel en chaotisch over de boezems, wat het trillen van de boezems veroorzaakt. Hierdoor kunnen de boezems onvoldoende bloed naar de kamers pompen.

Sommige prikkels worden doorgegeven aan de kamers, andere niet. De kamers trekken dan ook onregelmatig samen. Hierdoor voelt de arts een onregelmatige hartslag aan de pols. Meestal is de hartfrequentie ook sneller dan normaal. Het gaat dan om meer dan honderd hartslagen per minuut.

Oorzaken

Lang niet altijd is de oorzaak van boezemfibrilleren bekend. Wel bekend is dat boezemfibrilleren vaker voorkomt bij hartaandoeningen, zoals:

Ook bij andere aandoeningen kan boezemfibrilleren voorkomen:

  • verhoogde bloeddruk.
  • bloedarmoede.
  • versnelde schildklierwerking (hyperthyreoïdie ).
  • diabetes mellitus.
  • longaandoeningen (zoals longembolie of longontsteking).
  • slaapapneu.

Verschillende factoren kunnen aanvallen van boezemfibrilleren uitlokken:

  • alcohol.
  • koffie.
  • ontspanning of rust: deze mensen hebben vooral boezemfibrilleren tijdens het slapen.
  • inspanning of stress: bij deze vorm is het precies omgekeerd.
  • het eten van een stevige maaltijd.
  • drugs als cocaïne of amfetaminen.
  • sommige medicijnen, bijvoorbeeld longpufjes.
  • roken.

Symptomen

Sommige mensen hebben helemaal geen last van boezemfibrilleren. Het wordt dan bij toeval ontdekt bij een routineonderzoek. De klachten die optreden hangen vooral samen met de snelheid van het hartritme:

  • moeheid.
  • duizeligheid of licht gevoel in het hoofd.
  • angstig gevoel.
  • hartkloppingen.
  • pijn op de borst.
  • kortademigheid bij inspanning.

Diagnose

Op grond van de klachten en een lichamelijk onderzoek kan een arts boezemfibrilleren vermoeden. Dit is op een ECG (hartfilmpje) meteen vast te stellen. Maar bij aanvalsgewijs boezemfibrilleren kan het ECG normaal zijn. In dat geval laat de arts een Holter-registratie van het hartritme doen. Hiervoor wordt een draagbaar apparaatje aangebracht dat 24 uur lang het hartritme vastlegt. Zo kunnen aanvallen van boezemfibrilleren worden ontdekt.

Als boezemfibrilleren is vastgesteld, doet de arts aanvullend onderzoek naar mogelijke oorzaken. Bijvoorbeeld bloedonderzoek om de functie van de schildklier te onderzoeken.

Ook kan de huisarts iemand naar de cardioloog verwijzen voor verdere onderzoeken van het hart. Zoals een echo , een inspanningstest en mogelijk een hartkatheterisatie . Bij mensen jonger dan 65 jaar gebeurt dit altijd. Bij mensen die ouder zijn dan 65 jaar hangt het af van de klachten en wat het lichamelijk onderzoek uitwijst.

Complicaties

Omdat het bloed bij boezemfibrilleren niet effectief wordt rondgepompt, kunnen er stolsels ontstaan in het hart. Die stolsels kunnen losraken en meegevoerd worden met de bloedstroom. Ze kunnen zo bloedvaten in het lichaam afsluiten, bijvoorbeeld bloedvaten naar de hersenen. Hierdoor kan een beroerte (herseninfarct) optreden.

Een andere complicatie is dat het hart uitgeput raakt door de snelle hartslag. Het kan dan niet genoeg meer rondpompen, waardoor hartfalen ontstaat.

Behandeling

Boezemfibrilleren kan op verschillende manieren behandeld worden. De arts houdt daarbij rekening met de leeftijd van de patiënt, zijn klachten en bijkomende aandoeningen.

Mogelijke behandelingen zijn:

  • het wegnemen van de oorzaak.
  • herstel naar een normaal hartritme:
    o met medicijnen.
    o door cardioversie (elektrische schokken).
    o door een operatie.
  • verlagen van de hartslag (en boezemfibrilleren accepteren) om de klachten te verminderen.
  • voorkomen van het ontstaan van bloedstolsels in het hart.

Wegnemen van de oorzaak (of uitlokkende factoren)
Als er een duidelijke oorzaak is voor het atriumfibrilleren, kan deze aangepakt worden. Bijvoorbeeld door een hartklepoperatie of een bypassoperatie van de kransslagaders. Maar ook door behandeling van schildklierproblemen.

Daarnaast kan aanpassing van de leefstijl er aan bijdragen dat boezemfibrilleren niet meer terugkomt. Bijvoorbeeld door geen alcohol meer te drinken.

Herstel naar een normaal ritme met medicijnen
Vooral bij jongere mensen wordt geprobeerd om het hart weer in een normaal ritme te laten kloppen. Dit kan door het gebruik van medicijnen die het hartritme beïnvloeden . Die zijn vooral effectief als het boezemfibrilleren niet langer dan twee dagen aanwezig is.

Maar de behandeling lukt lang niet altijd. Ook hebben deze medicijnen vaak bijwerkingen. Vooral oudere mensen zijn daar gevoelig voor.

Herstel naar een normaal ritme met cardioversie
Bij een cardioversie wordt geprobeerd om met elektrische schokken het hart in het normale ritme terug te krijgen. Hiervoor wordt de patiënt eerst onder verdoving gebracht. Op een ECG is meteen te zien of de schok effect heeft. Zo nodig wordt de schok herhaald, tot maximaal vier keer per behandeling.

Maar het lukt niet altijd om het hart in het normale ritme te krijgen. Bovendien kan het boezemfibrilleren op de langere termijn weer terugkomen.

Herstel naar een normaal ritme met een operatie
Sommige mensen komen in aanmerking voor een operatie. Dan gaat het meestal om jongere mensen die veel last hebben van het boezemfibrilleren en bij wie andere behandelingen geen effect hebben gehad.

De operatie heet ablatie . Hierbij worden in de longaders kleine littekentjes gemaakt, waardoor de ritmestoornis niet meer optreedt. Deze operatie wordt gedaan via een hartkatheterisatie.

Verlagen van de hartslag
Er kunnen verschillende redenen zijn om het boezemfibrilleren te accepteren. Bijvoorbeeld als alle andere behandelingen niet aanslaan. Of als iemand niet in staat is om andere behandelingen te ondergaan of daar te veel last van heeft.

Het verlagen van de hartslag is dan een mogelijkheid. Uit diverse onderzoeken blijkt dat deze manier van behandelen net zo goed is als het herstel naar een normaal ritme.

Het is belangrijk om de klachten die ontstaan door een snelle hartslag, weg te nemen. Dat kan door de hartslag te vertragen met medicijnen, zoals bètablokkers of digoxine .

Voorkomen van bloedstolsels
Vooral bij paroxysmaal atriumfibrilleren en bij atriumfibrilleren dat langer aanwezig is dan twee dagen is het belangrijk om middelen te gaan gebruiken die stolselvorming tegen gaan. Dit kunnen antistollingsmiddelen zijn. Hiervoor zijn regelmatig bloedcontroles nodig bij de trombosedienst.

Bij andere mensen is aspirine voldoende. Dit hangt af van het risico op een beroerte. Dit risico wordt mede bepaald door een aantal factoren, zoals leeftijd en bijkomende ziektes.

Recent zijn nieuwe antistollingsmiddelen in Nederland ter beschikking gekomen, die een beroerte voorkomen bij boezemfibrilleren. Hiervoor is geen bloedcontrole nodig.

Meer informatie

Informatie van de Hartstichting
http://www.hartstichting.nl/

Website van de Hart&Vaatgroep, van en voor mensen met een hart- of vaatziekte
http://www.hartenvaatgroep.nl/

Website van Hartpatiënten Nederland
http://www.hartpatienten.nl/

Nederlands Huisartsen Genootschap
NHG-Standaard Atriumfibrilleren (Eerste herziening) (2009)
http://www.nhg.org

European Society of Cardiology
Guidelines for the management of atrial fibrillation (Engelstalig) (2010)
http://www.kwaliteitskoepel.nl

Bron: Medicinfo Copyright: Medicinfo Datum: 05/11/2013